Wat is Rugby?
Rugby is in de wereld één van de meest beoefende sporten. Zelfs in landen kleiner of onbekender dan Nederland wordt Rugby gespeeld. Vooral door de sportiviteit in combinatie met de lichamelijke inspanning is deze sport enorm geliefd.
Het spel Rugby is eigenlijk gebaseerd op simpel landje veroveren. Twee ploegen moeten onder leiding van een scheidsrechter proberen de ovale bal achter de laatste lijn op de grond te drukken.
Het Rugbyspel wordt gespeeld door twee ploegen van vijftien spelers; acht voorwaartsen en zeven driekwarten. De voorwaartsen proberen de bal te veroveren en de driekwarten boeken terreinwinst. De duur van de wedstrijd is twee keer 40 minuten.
Doel van het spel is tries en kickgoals te scoren. Een try wordt gescoord door de speler, die de bal achter de doellijn van de tegenpartij op de grond drukt. Een try levert vijf punten op en men werft hierdoor het recht op het nemen van een conversie, welke bij succes twee punten oplevert.
Een conversie is een schop op de palen, loodrecht op de doellijn van de plaats waar de try is gedrukt. Bij de schop moet de bal tussen de palen en over de dwarslat geschopt worden.
Ook kan er een dropgoal gescoord worden. In het open spel moet een speler de bal eerst uit de handen op de grond laten stuiten voordat hij de bal door de palen schiet. Voor een dropgoal worden drie punten in rekening gebracht.
Het rugby veld
Het terrein omvat het gehele gebied zoals in de tekening is weergegeven. Het terrein omvat:
Het speelveld is het gebied tussen de doellijnen en de zijlijnen. Deze lijnen behoren niet tot het speelveld.
Het speelgebied is het speelveld en de doelgebieden. De zijlijnen, doelzijlijnen en de achterlijnen behoren niet tot het speelgebied.
De speelruimte is het speelgebied en een ruimte eromheen, waar praktisch niet minder dan 5 meter, welk het randgebied genoemd wordt.
Het doelgebied is de ruimte tussen de doellijn en de achterlijn en tussen de doelzijlijnen. Het omvat de doellijn maar niet de achterlijn en doelzijlijnen.
Het 22-meter-gebied is het gebied tussen de doellijn en de 22-meter-lijn, inclusief de 22-meter-lijn maar exclusief de doellijn.
Punten kunnen behaald worden door:
- De bal bij de tegenpartij in het ingoalgebied op de grond te drukken (try = 5 punten)
- De bal over de lat tussen de twee doelpalen door te schieten. Dit kan op twee manieren:
1) als een dropkick (de bal stuit eerst op de grond voordat je ertegen schopt)
2) als een placekick (de bal wordt eerst op de grond "neergezet" en vandaar geschopt)
Dit kan in verschillende situaties voorkomen:
1) In het open spel als dropkick (dropgoal = 3 punten)
2) Als strafschop na een overtreding zowel als dropkick als als placekick (penaltykick = 3 punten)
3) Als bonus na een try zowel als dropkick als als placekick (conversion = 2 punten)
Veelal zal een speler proberen met de bal in de handen zoveel mogelijk terrein te winnen door vooruit te lopen tot het moment dat hij getackeld of tegengehouden wordt. Op dat moment zal hij proberen de bal schuin achterwaarts af te spelen naar een medespeler die vervolgens terrein probeert te winnen door naar voor te lopen. Op deze manier wordt geprobeerd de try-line van de tegenstander te bereiken. De tegenpartij zal dit door tackelen, tegenhouden en de bal afpakken proberen te voorkomen.
Alleen de speler met de bal mag getackeld of tegengehouden worden. Tackelen of tegenhouden mag alleen met de armen en handen gebeuren. Naar elkaar schoppen is ten strengste verboden. Andere spelers mogen elkaar niet hinderen. Bij een fout of het niet meer bespeelbaar zijn van de bal, wordt het spel hervat met een scrum. Bij een overtreding wordt het spel hervat met een vrije schop (penaltykick).
Als de bal in de buurt van de eigen try-line pas bemachtigd kan worden zal vaak, om terrein te winnen, de bal naar voor geschopt worden. Het doel hiervan is terrein terug te winnen. Dit kan door achter de bal aan te hollen en hem weer te pakken zien te krijgen, of te zorgen dat de bal zover mogelijk van de eigen tryline over de zijlijn uit te gaat. Het spel wordt op de plaats waar de bal uitging hervat met een line-out waarbij de tegenpartij in mag gooien. Alle spelers hebben in het veld specifieke functies. Bepaalde functies spelen een belangrijke rol bij de scrum en de line-out.
Belangrijkste spelregels
1. Spelers mogen rennen met de bal in de handen. Schijnbewegingen en snelheid zijn je wapens.
2. De bal mag alleen naar achteren worden gegooid. De ovale vorm vereist de juiste passtechniek.
3. De speler met de bal mag getackeld worden. Dat mag overigens alleen met de armen.
4. Lichte overtredingen zoals het laten vallen van de bal of een pass naar voren worden bestraft met een scrum. In de scrum staan 8 voorwaartsen in een vaste formatie. De twee groepen van 8 voorwaartsen strijden om de bal die in het midden van de scrum wordt ingegooid.
5. Als de bal uit gaat wordt een line-out geformeerd. De bal wordt tussen twee rijen spelers in het midden gegooid.
6. Zware overtredingen zoals het praten tegen de scheidsrechter of buitenspel worden bestraft met een penalty. Bij een penalty moet de tegenstander 10 meter achteruit. Maar als je in de buurt van de palen bent, mag je ook op de palen schieten. Dat levert drie punten op.
7. Buitenspel: als je achter de bal blijft, sta je over het algemeen NIET buitenspel.
8. Niet alleen bij een tackel doe je leuke contacten op. Ook bij een MAUL maak je contact. Je botst tegen een speler en draait je lichaam in. Je wacht op hulp van een maatje als de tegenstander je vastpakt. Soms krijg je een bende spelers die duwen en trekken om de bal te krijgen. Als de bal in dezelfde situatie op de grond komt, spreek je van een RUCK.
9. Je mag de bal schoppen. Soms is dat handig als je in de verdediging staat. Maar uiteraard leidt het meestal tot balverlies.
10. Behandel de tegenstander en de scheidsrechter met RESPECT!!
Overtredingen en aanduiding scheidsrechter
Penalty Kick:
Bij zware overtredingen wordt een penalty-kick toegekend. De tegenstanders moeten dan op minimaal 10 meter afstand (over de volle breedte van het veld) staan. Als zij dat niet snel genoeg doen, mag de penalty-kick 10 meter verder worden genomen.
Het nemen van de penalty kick kan door een klein schopje tegen de bal en hem dan gelijk zelf oppakken en er mee gaan lopen, of doorspelen naar een speler schuin achter je. De bal mag ook uit de hand geschopt worden. Dit kan over de zijlijn om daar een line-out te krijgen of hoog over de verdediging heen zodat je eigen spelers er onder kunnen lopen. Er mag ook geprobeerd worden de bal van de grond af tussen de palen over de lat te schoppen. Ditzelfde mag ook via een drop-kick (een stuit van de bal op de grond en dan er tegen schoppen). Beide leveren 3 punten op. Op het moment dat de kick genomen wordt mag de tegenpartij oplopen.
Free Kick:
Bij minder zware overtredingen wordt een free-kick toegekend. De tegenstanders moeten dan op minimaal 10 meter afstand (over de volle breedte van het veld) staan. Als zij dat niet snel genoeg doen, mag de penalty-kick 10 meter verder worden genomen.
Je kunt een free-kick nemen door een klein schopje tegen de bal te geven en dan het spel te hervatten. Je kunt de bal ook direct uit kicken, maar hiervoor dien je wel in je eigen 22 - meter gebied te staan om terreinwinst te maken.
Positie spelers
Voorwaartsen:
1. Loosehead prop
2. Hooker
3. Tighthead prop
4. Lock
5. Lock
6. Blindside flanker
7. Openside flanker
8. Number 8
Driekwartlijn:
9. Scrumhalf
10. Flyhalf
11. Blindside wing
12. Inside Center
13. Outside Center
14. Openside wing
15. Fullback
De Scrum
Bij een lichte overtreding, het voorwaarts gooien van de bal of het niet meer bespeelbaar zijn van de bal wordt het spel hervat met een scrum. Een bal is niet meer bespeelbaar als er veel spelers van beide partijen bovenop liggen.
Een speler van het team dat niet in overtreding is mag de bal precies midden tussen de twee eerste rijen van de scrum ingooien. Acht zware spelers van elk team gaan dan proberen elkaar over de bal heen te drukken, zodat deze er aan de achterkant uitkomt. Tevens gebruiken ze hun voeten om de bal naar achter te verplaatsen. Daar staat ondertussen de speler die de bal ingooide. Zodra de bal uit de scrum is pakt hij de bal op en speelt hem door naar de rest van het team die daarna weer proberen zover mogelijk op het terrein van de tegenpartij te komen.
Line-out:
Daar waar de bal over de zijlijn gaat mag een speler van de ploeg die de bal niet over de zijlijn plaatste de bal ingooien. De line-out wordt haaks op de zijlijn geformeerd op minimaal 5 meter vanaf de zijlijn. Beide rijen staan minimaal 1 meter van elkaar af. De ingooiende speler staat buiten het veld en gooit de bal precies in het midden boven de twee rijen van minimaal 2 of maximaal 8 spelers van elk team. Zij springen naar de bal en proberen die te bemachtigen.
Vaak is er een aangewezen springer die extra ondersteund wordt bij het springen door de ernaast staande spelers. De rest van het team, op één na, moeten allen op tien meter (over de volle breedte van het veld) vanaf de line-out blijven totdat de bal uit de line-out wordt gespeeld. Die ene speler die vlak bij de line-out staat zal meestal de bal van de springer ontvangen en hem doorspelen naar zijn medespelers verderop in het veld.
Posities in de line-out
5-meter 15-meter
2 1 4 3 5 6 7 8
9
Dit is de basisopstelling, maar er bestaan meerder variaties. De verdedigende partij moet evenveel mensen in de line-out hebben als de aanvallende partij. Minder mag, meer niet. De afstand tussen de twee partijen moet 1 meter zijn. De bal moet recht in het midden worden gegooid.
De hooker (2) staat op de zijlijn en gooit de bal in. De eerste deelnemer (1) staat op de 5-meter lijn. De bal moet over deze lijn gegooid worden. De laatste man (8) mag niet buiten de 15 meter lijn staan. De line-out moet dus plaatsvinden tussen de 5 meter en 15 meter lijn.
2 = hooker (gooit de bal in)
1 = prop (is de lifter van nummer 4)
4 = 2e rij (is een springer)
3 = prop (is de lifter van nummer 4 of 5)
5 = 2e rij (is een springer)
6 = flanker (is de lifter van nummer 5 of 7)
7 = flanker (is een springer)
8 = nummer 8 ( is de lifter van nummer 7)
De maul
Een maul vindt plaats wanneer een speler de bal draagt en wordt vastgehouden door een of meerdere tegenstanders, en een of meerdere medespelers zich binden aan de baldrager. Daarom bestaat een maul uit minstens drie spelers, allemaal op hun voeten; de baldrager en een speler van beide teams. Alle deelnemende spelers moeten op hun voeten staan en richting de doellijn bewegen. Het open spel is beëindigd.
De regels rond de maul:
§ Spelers die zich bij een maul aansluiten mogen hun hoofd en schouders niet lager hebben dan hun heupen.
§ Een speler wordt in de maul vastgehouden worden of zich aan de maul vastbinden maar alleen aan de zijkant staan.
§ Een hand leggen op een andere speler in de maul wordt niet als binden gezien.
§ Spelers moeten op hun voeten blijven. Deelnemers aan een maul moeten proberen op hun voeten te blijven. De baldrager in de maul mag naar de grond gaan om de bal beschikbaar te maken onder voorwaarde dat de bal onmiddellijk beschikbaar wordt en het spel doorgaat.
§ Een speler mag een maul niet moedwillig laten instorten. Dit is gevaarlijk spel.
§ Een speler mag niet bovenop een maul springen.
Buitenspel bij een maul:
§ De buitenspellijn. Er zijn twee buitenspellijnen parallel aan de doellijnen voor elk team een. De buitenspellijnen lopen door de achterste voet van de achterste speler in de maul.
§ Spelers moeten deelnemen aan de maul of zich onmiddellijk achter de buitenspellijn terugtrekken. Indien een speler treuzelt om on-side te komen in de maul, dan staat de speler buitenspel.
§ Spelers die zich aansluiten bij een maul. Alle spelers die aan een maul wensen deel te nemen moeten dit van achter de laatste voet van een medespeler in de maul doen. Een speler mag aan de zijkant van de achterste speler aansluiten. Indien een speler aan de kant van de tegenstander, of voorbij de laatste medespeler inkomt, dan staat de speler buitenspel.
§ Spelers die niet aan een maul deelnemen. Indien een speler voorbij de buitenspellijn staat en zich niet bij de maul voegt, moet onmiddellijk terugtrekken achter de buitenspellijn. Een speler die dit niet doet staat buitenspel. Indien een speler achter de buitenspellijn staat en vervolgens over de buitenspellijn stapt en niet deelneemt aan de maul, dan staat de speler buitenspel.
De Ruck
Een ruck is een spelfase waarbij een of meer spelers van elk team, die op hun voeten staan en lichamelijk contact hebben, zich rondom en over de op de grond liggende bal aaneensluiten. Het open spel is voorbij.
Rucking. Het rucken is een actie waarbij spelers in de ruck met hun voeten de bal in hun bezit proberen te krijgen of te behouden zonder. Een ruck is wanneer tenminste één speler van elk team gebonden is met elkaar, boven de bal, terwijl de bal (evt. met speler) op de grond ligt.
Regels in de ruck:
§ Spelers die deelnemen aan een ruck moeten proberen op hun voeten te blijven staan.
§ Een speler mag in de ruck niet moedwillig vallen of knielen. Dit is gevaarlijk spel.
§ Een speler mag de ruck niet moedwillig laten instorten. Dit is gevaarlijk spel.
§ Een speler mag niet bovenop de ruck springen.
§ Spelers mogen hun hoofd en schouders niet lager hebben dan hun heupen.
§ Spelers mogen de bal in de ruck niet met de handen spelen.
§ Een speler mag niet op of over de bal vallen die uit de ruck komt.
Buitenspel in de ruck:
§ De buitenspellijn. Er zijn twee buitenspellijnen parallel aan de doellijnen, een voor elke team. De buitenspellijnen lopen door de achterste voet van de laatste speler in de ruck.
§ Spelers moeten of deelnemen aan de ruck of zich onmiddellijk achter de buitenspellijn terugtrekken. Indien een speler aan de zijkant van een ruck treuzelt, dan staat de speler buitenspel.
§ Spelers die zich voegen bij de ruck. Alle spelers die bij de ruck willen voegen moeten dit doen van achter de laatste voet van een medespeler in de ruck. Een speler mag aan de zijkant van de laatste speler aan de ruck invoegen. Indien de speler aan de kant van de tegenstander, of voorbij de laatste medespeler inkomt, dan staat de speler buitenspel.
§ FOUT - Bij een ruck of een maul, loopt de buitenspellijn door de laatste voet van een speler in de ruck of maul van dezelfde team. De speler in geel/groen aan de rechterzijde van de ruck staat buitenspel
De Tackle
Een tackle vindt plaats wanneer een baldrager wordt vastgehouden door een of meer tegenstanders en zo naar de grond wordt gebracht. Een baldrager die niet wordt vastgehouden is niet getackeld en er heeft dan geen tackle plaatsgevonden. Tegenstanders die de baldrager vasthouden en hem naar de grond brengen en daarbij ook zelf naar de grond gaan, zijn tackelaars. Tegenstanders die de baldrager vasthouden en niet naar de grond gaan zijn geen tackelaars.
De getackelde speler:
§ Een getackelde speler mag niet op, over of nabij de bal blijven liggen om te voorkomen dat een tegenstander in balbezit kan komen, en moet proberen de bal onmiddellijk beschikbaar te maken zodat het spel door kan gaan.
§ Een getackelde speler moet onmiddellijk de bal passen of loslaten. Die speler moet ook direct opstaan of wegrollen van deze plek.
§ Een getackelde speler mag de bal in elke richting, behalve voorwaarts, over de grond schuiven op voorwaarde dat hij dit onmiddellijk doet.
De Tackelaar:
§ Wanneer een speler een tegenstander tackelt, en zij beide naar de grond gaan, moet de tackelaar de getackelde speler onmiddellijk loslaten
§ De tackelaar moet onmiddellijk opstaan of wegrollen van de getackelde speler en de bal.
§ De tackelaar moet opstaan voordat hij de bal speelt.
Overige spelers:
Na een tackel moeten alle spelers op hun voeten staan wanneer zij de bal spelen. Spelers staan op hun voeten wanneer geen ander deel van hun lichaam door de grond of op de grond liggende spelers wordt ondersteund.
ENTHOUSIAST GERAAKT???
Doe een keer bij mee R.C. The Hookers en je bent verkocht!
Kijk voor meer informatie op lid worden?

